Alle werkgevers in Nederland moeten hun medewerkers een minimumsalaris betalen: het minimumloon. Maar aan welke medewerkers moet je het minimumloon eigenlijk betalen? En hoe hoog is het minimumloon? Welke inkomsten tellen mee om te bepalen of iemand er recht op heeft? We geven je graag een antwoord op deze en andere vragen over het minimumloon. 

op deze pagina

1. wat is het wettelijk minimumloon?

Het wettelijk minimumloon is het salaris dat jij, als werkgever, minimaal aan je medewerkers moet betalen. Dat staat in de Wet minimumloon en minimumvakantiebijslag (WML).Het minimumloon wordt aangegeven als loon per maand, per week of per uur. Dit is altijd een brutobedrag, dus zonder inhouding van de loonheffingen.
Je medewerkers vanaf 21 jaar hebben recht op het volledige minimumloon en je jongere medewerkers (vanaf 15 jaar) op een percentage daarvan (het minimumjeugdloon). 
In principe gaan de bedragen ieder half jaar omhoog. Ook per 1 januari 2021 stijgt het minimum(jeugd)loon weer. 

2. voor wie geldt het minimumloon?

Al je medewerkers die werken op basis van een vaste of tijdelijke arbeidsovereenkomst hebben recht op (ten minste) het minimumloon. Dat geldt ook voor je medewerkers met een flexibel contract, zoals vakantiekrachten, uitzendkrachten thuiswerkers en oproepkrachten. En ook buitenlandse werknemers en opdrachtnemers die bij jouw bedrijf werken, hebben recht op een minimumsalaris. 

Werk je als opdrachtgever samen met aannemers of onderaannemers? Dan ben je volgens de Wet aanpak schijnconstructies (WAS) aansprakelijk als de (onder)aannemer het cao-loon of het minimumloon niet betaalt aan zijn werknemers. 

Je bent, als werkgever, ook verplicht het wettelijk minimumloon betalen voor stukloon en meerwerk

Het minimumloon geldt niet voor stagiaires en werknemers die in het buitenland werken en wonen.

3. hoe hoog is het minimumloon?

De hoogte van het minimumloon is afhankelijk van leeftijd, arbeidsduur en aantal arbeidsuren. De bedragen zijn bruto. Het exacte nettobedrag dat je medewerker overhoudt hangt af van zijn persoonlijke situatie. Let erop dat je ook vakantiebijslag (8% over het loon) moet betalen. De hoogte van het minimumloon wordt in principe twee keer per jaar - op 1 januari en op 1 juli - door het ministerie van SZW vastgesteld. 

leeftijd

Per 1 januari 2021 hebben werknemers van 21 jaar en ouder recht op:

* € 1.684,80 per maand
* € 388,80 per week
* € 77,76 per dag

Werknemers van 15 tot en met 20 jaar hebben recht op een deel van het minimumloon: het minimumjeugdloon. Per 1 januari 2021 hebben zij recht op:
20 jaar € 1.347,85 per maand
19 jaar € 1.010,90 per maand
18 jaar € 842,40 per maand
17 jaar € 665,50 per maand
16 jaar € 581,25 per maand
15 jaar € 505,45 per maand

parttime/fulltime

Wie geen volledige werkweek werkt, heeft recht op een evenredig deel van het minimumloon. Wat een volledige werkweek is, hangt af wat er gebruikelijk is binnen de sector waarin je bedrijf thuishoort en de cao-afspraken die mogelijk voor die sector gelden. Meestal is dit 40, 38 of 36 uur. 

Neem bijvoorbeeld Roos: zij is 25 jaar en werkt 24 uur per week in een branche waar een volledige werkweek 36 uur is. Als ze fulltime zou werken (dus 36 uur) zou ze recht hebben op het brutominimumloon van € € 1.684,80 per maand. Roos heeft dus recht op € € 1.684,80 : 36 uur x 24 uur = € 1.123,20 bruto per maand.

cao-loon

Als er een collectieve arbeidsovereenkomst (cao) geldt voor jouw bedrijf of bedrijfstak, ben je verplicht deze cao te volgen. De afspraken in de cao zijn meestal gunstiger voor je medewerkers dan de afspraken die in de wet staan; er wordt vaak een hoger loon afgesproken dan het minimumloon. In de cao mag namelijk nooit een lager loon staan dan het minimumloon.

4. wat telt mee voor de bepaling van het minimumloon?

Om te bepalen of je je medewerkers voldoende loon betaalt (en dus minimaal het minimumloon), kijk je naar de volgende bedragen:

  • (basis)loon: het loon dat je in de arbeidsovereenkomst bent overeengekomen

  • vergoedingen voor meer- en/of overwerk

  • toeslagen, bijvoorbeeld voor prestatie, ploegendiensten of onregelmatige werktijden

  • vaste (wekelijkse of maandelijkse) beloningen voor de omzet die je medewerker maakt

  • fooien: beloningen van derden die voortvloeien uit het werk.

Het totaal van alle bedragen mag niet lager zijn dan het wettelijk minimumloon waarop je medewerkers recht hebben.

Er zijn ook inkomsten die niet meetellen voor het minimumloon, namelijk:

  • vakantiegeld

  • winstuitkeringen

  • speciale uitkeringen, zoals een uitkering die een medewerker af en toe krijgt voor omzet die hij heeft behaald

  • uitkeringen waaraan je als werkgever bijdraagt, zoals pensioen en spaarregelingen

  • vergoedingen voor kosten die je medewerker voor zijn werk moet maken

  • eindejaarsuitkeringen.

Je medewerkers krijgen deze inkomsten dus boven op het minimumloon.

5. wat gebeurt er als je te weinig loon betaalt?

Kom je erachter dat je een medewerker minder dan het minimumloon hebt betaald, dan betaal je hem natuurlijk zo snel mogelijk het achterstallige loon uit.

Komt je medewerker er zelf achter dat hij onvoldoende loon heeft gekregen, dan heb je vier weken om het achterstallige loon alsnog uit te betalen. Werknemers hebben vanaf de dag waarop ze recht hadden op loon of vakantiegeld dat niet is uitbetaald nog vijf jaar de tijd om dat bij hun werkgever op te eisen. Lukt dat niet, dan kunnen ze naar de kantonrechter stappen of een klacht indienen bij de Inspectie SZW

Daarnaast controleert de Inspectie SZW bedrijven op de naleving van de wetgeving over het minimumloon. De inspecteur kan in principe de betalingen aan alle werknemers controleren, maar meestal doet hij er maar een aantal daarvan. Constateert hij daarbij geen overtredingen, dan stopt het onderzoek op dat moment. Als de inspecteur wél onderbetaling constateert, dan geeft hij de werkgever een waarschuwing (bij onderbetaling tot 5%) of maakt hij een boeterapport op (bij onderbetaling vanaf 5%) en kan hij een boete opleggen. De boete per onderbetaalde werknemer bedraagt minimaal € 500 en maximaal € 10.000.

6. welke subsidies en tegemoetkomingen zijn er voor werkgevers?

Er zijn verschillende subsidies en tegemoetkomingen waarop je als werkgever aanspraak kunt maken om je loonkosten te verlagen. Bijvoorbeeld als je iemand aanneemt die ouder is dan 56 jaar of die onder de doelgroep banenafspraak valt. Voorbeelden van zulke voorzieningen zijn het loonkostenvoordeel (LKV), lage-inkomensvoordeel (LIV) en loonkostensubsidie. Voor je medewerkers van 18 tot en met 20 jaar kun je met het jeugd-LIV een jaarlijkse tegemoetkoming krijgen. 

Kijk op Ondernemersplein.nl van de de Kamer van Koophandel voor een overzicht van alle regelingen.

waar vind je meer informatie over het minimumloon? 

Op Rijksoverheid.nl vind je meer informatie over het minimumloon. Hier vind je ook een tool waarmee je het bedrag kunt berekenen dat je medewerkers minimaal moeten verdienen per maand, week, dag en uur, voor een fulltime of parttime baan. 

In de Werkpocket staat de laatste stand van zaken op het gebied van wetten en regels rond arbeidszaken.