Volgens de Wet minimumloon en minimumvakantiebijslag (WML) moeten werkgevers hun werknemers ten minste een minimumsalaris betalen: het wettelijk (bruto)minimumloon. De hoogte van dit minimumloon is afhankelijk van leeftijd, arbeidsduur en aantal arbeidsuren. Per 1 januari 2018 is de werkgever ook verplicht het wettelijk minimumloon betalen voor stukloon en meerwerk, en geldt het minimumloon ook voor mensen die tegen beloning werk verrichten op basis van een overeenkomst (opdrachtnemers).

Op deze pagina

wijziging wet minimumloon

In 2017 is de Wet WML aangepast om het risico te beperken dat de verschillende leeftijden een rol gaan spelen bij het aannemen van mensen. De leeftijd voor het volwassen minimumloon is op 1 juli 2017 verlaagd van 23 naar 22 jaar. Per 1 juli 2019 gaat de minimumloonleeftijd verder omlaag naar 21 jaar. Ook gaat per 1 juli 2019 het minimumjeugdloon voor 18- tot en met 20-jarigen omhoog. Werkgevers krijgen een compensatie voor deze verhoging: de tegemoetkoming verhoging minimumjeugdloon (jeugd-LIV).

Werkgevers die leerwerkplekken aanbieden hoeven het verhoogde minimumjeugdloon niet te betalen aan 18-, 19- en 20-jarigen. Ze moeten dit wel betalen aan 21- en 22-jarigen. Hiervoor kunnen zij gebruikmaken van de compensatieregeling: lage-inkomensvoordeel (LIV).

hoogte minimumloon en minimumjeugdloon

Het minimumloon en minimumjeugdloon worden in principe tweemaal per jaar aangepast aan de ontwikkeling van de cao-lonen, op 1 januari en op 1 juli. Met ingang van 1 juli 2019 geldt het wettelijk minimumloon voor werknemers van 21 jaar en ouder.

Het wettelijk minimumloon bij een volledig dienstverband bedraagt per 1 januari 2019:

  • € 1.615,80 per maand

  • € 372,90 per week

  • € 74,58 per dag

Met ingang van 1 juli 2019 bedraagt het minimumloon voor fulltime werknemers:

  • € 1.635,60 per maand

  • € 377,45 per week

  • € 75,49 per dag

Werknemers van 15 tot en met 21 jaar hebben recht op een deel van het minimumloon: het minimumjeugdloon. Bekijk hier de tabel met de percentages van het wettelijk minimumloon

Wat een volledige werkweek is, verschilt per bedrijf. Bij sommige bedrijven is dat 40 uur, bij andere 38 of 36 uur. Dat is ook de reden dat er geen wettelijk minimumuurloon bestaat.

Op Rijksoverheid.nl staan alle bedragen per maand, per dag en per uur.

Op 1 januari 2020 wordt het minimum(jeugd)loon opnieuw aangepast aan de cao-lonen.

rekenhulp minimumloon

Op Rijksoverheid.nl staat een tool waarmee werknemers het bedrag kunt berekenen dat zij minimaal horen te verdienen per maand, week, dag en uur. Voor een fulltime of parttime baan.

stukloon, meerwerk en opdrachtnemers

Per 1 januari 2018 geldt het wettelijk minimumloon ook voor:

  • stukloon: werknemers moeten ieder gewerkt uur minstens het minimumloon ontvangen voor elk opgeleverd stuk, als u hen stukloon betaalt.

  • meerwerk: als werknemers extra uren werken, moeten zij gemiddeld minstens het minimumloon verdienen voor dat meerwerk.

  • opdrachtnemers: mensen die geen arbeidsovereenkomst hebben maar tegen beloning werkzaamheden verrichten voor een opdrachtgever op basis van een overeenkomst. In dit geval wordt met opdrachtnemers  geen zelfstandig ondernemers bedoeld, want zij werken op basis van een overeenkomst in de zelfstandige uitoefening van beroep of bedrijf.

onderbetaling

Betaalt de werkgever een werknemer minder dan het minimumloon, dan overtreedt hij de Wet minimumloon en minimumvakantiebijslag (WML). Een werknemer heeft vijf jaar de tijd om te eisen dat de werkgever het achterstallige loon en vakantiegeld alsnog betaalt. De onderbetaalde werknemer kan hiervoor naar de kantonrechter stappen of een klacht indienen bij de Inspectie SZW. De Inspectie SZW kan werkgevers die hun werknemers te weinig betalen direct een boete en een dwangsom opleggen. De boete per onderbetaalde werknemer kan maximaal € 10.000 bedragen.

wet aanpak schijnconstructies

De werkgever mag op basis van de Wet aanpak schijnconstructies (WAS) het salaris niet volledig contant uitbetalen. Hij moet minimaal het salarisgedeelte dat gelijk is aan het netto-equivalent van het wettelijk minimumloon giraal overmaken. Over dat netto-equivalent mogen geen inhoudingen en verrekeningen worden gedaan, tenzij er een wettelijke grondslag is voor de inhouding (zoals de Pensioenwet of de Wet op de loonbelasting) of wanneer er sprake is van een loonbeslag. In het geval van een loonbeslag moet er wel rekening worden gehouden met de beslagvrije voet.

Meer informatie over de WAS vindt u op Rijksoverheid.nl.