Voor uitzendkrachten zijn vakantie, feestdagen, kort verzuim/bijzonder verlof en geboorteverlof geregeld in Hoofdstuk 4 van de CAO voor Uitzendkrachten. Het verlofrecht van een uitzendkracht wordt bepaald door de fase waarin hij werkt.

Op deze pagina:

vakantie

In de CAO voor Uitzendkrachten is opgenomen dat een uitzendkracht 16⅔ uur doorbetaalde vakantie opbouwt bij elke volledig gewerkte maand. Deze vakantie wordt opgenomen in de vorm van vakantiedagen. Uitzendkrachten hebben recht op 8,30% vakantiebijslag van het feitelijk loon over de: 

• gewerkte dagen

• vakantiedagen

• feestdagen

• dagen waarop de uitzendkracht arbeidsongeschikt is

• compensatie-uren

• uren waarop de uitzendkracht bij het wegvallen van de uitzendarbeid recht heeft op loondoorbetaling. 

Deze bijslag wordt in principe eens per jaar uitbetaald, tenzij de uitzendkracht uit dienst gaat.

vakantie in fase a

Uitzendkrachten die in fase A op basis van een uitzendovereenkomst met uitzendbeding werkzaam zijn ontvangen tijdens vakantie het feitelijk loon uit de opgebouwde vakantiereserveringen (10,82% van het feitelijk loon) voor zover deze reservering toereikend is.

vakantie in fase b en c

Uitzendkrachten in fase B en fase C hebben tijdens hun vakantie recht op doorbetaling van het loon dat zij op dat moment verdienen voor zover het recht op vakantie is verworven. Daarbij horen ook de vergoedingen die de uitzendkracht zou hebben ontvangen als hij had gewerkt (met uitzondering van kostenvergoedingen).

feestdagen

Op feestdagen krijgen alle uitzendkrachten het feitelijk loon doorbetaald dat zij normaal gesproken zouden ontvangen als zij op die dagen gewerkt zouden hebben. Moet een uitzendkracht op een feestdag werken, dan is hier doorgaans een toeslag aan verbonden conform de daarvoor geldende regeling bij de inlener

Algemeen erkende feestdagen zijn (voor zover ze niet op zaterdag en/of zondag vallen):

■ Nieuwjaarsdag

■ Tweede Paasdag

■ Hemelvaartsdag

■ Tweede Pinksterdag

■ beide Kerstdagen

■ Koningsdag of daarvoor in de plaats tredende dag, en

■ Bevrijdingsdag in lustrumjaren.

Als niet duidelijk uit de uitzendovereenkomst of terbeschikkingstelling blijkt of de feestdag op een dag valt die normaal gesproken als werkdag geldt, krijgt de uitzendkracht de feestdag uitbetaald:

  • als hij in een periode van dertien aaneengesloten weken direct voorafgaand aan de desbetreffende feestdag minimaal zeven keer op die dag in de week heeft gewerkt

  • als hij nog geen dertien aaneengesloten weken heeft gewerkt maar wel  in meer dan de helft van die periode op de betreffende dag in de week heeft gewerkt.

kort verzuim of bijzonder verlof

De uitzendkracht heeft recht op kort verzuim. In de CAO voor Uitzendkrachten wordt kort verzuim omschreven als ‘verzuim gedurende een redelijke tijdsduur waarin de uitzendkracht verhinderd is zijn werk te verrichten’. Bijvoorbeeld als gevolg van:

  • onvoorziene omstandigheden waarvoor de uitzendkracht zijn werk meteen moet onderbreken, zoals een ziek kind dat meteen van school moet worden opgehaald

  • de vervulling van een door wet of overheid opgelegde (onbetaalde) verplichting die de uitzendkracht niet in zijn vrije tijd kon nakomen, bijvoorbeeld gaan stemmen op een verkiezingsdag

  • bijzondere persoonlijke omstandigheden, zoals arts- of ziekenhuisbezoek dat niet buiten werktijd gepland kan worden.

Uitzendkrachten hebben ook recht op bijzonder verlof, bijvoorbeeld bij een huwelijk of overlijden van een naaste (partner, kind, ouder). In de CAO voor Uitzendkrachten (artikel 28) staat per situatie precies omschreven hoeveel dagen verlof de uitzendkracht krijgt.

Een uitzendkracht in fase A krijgt niet doorbetaald tijdens kort verzuim of bijzonder verlof. Voor hem bestaat een reservering voor kort verzuim van 0,6% boven op het brutoloon. Zodra de uitzendkracht het kort verzuim of bijzonder verlof opneemt, wordt voor zover de reservering toereikend is het gereserveerde geld voor die dag uitbetaald.

Uitzendkrachten in fase B en fase C hebben wel recht op doorbetaald kort verzuim of bijzonder verlof.

geboorteverlof

Na de bevalling van de partner of degene wiens kind de uitzendkracht erkent, kan de uitzendkracht gedurende een periode van vier weken zijn recht op geboorteverlof opnemen. Het geboorteverlof bedraagt eenmaal de wekelijkse arbeidsduur, en maximaal veertig uur.

Dit geldt voor alle uitzendkrachten, dus ongeacht de fase waarin zij werken.