Zijn jij en je medewerker het eens over het type arbeidsovereenkomst (vast of flexibel), de arbeidsvoorwaarden en de duur van het dienstverband, dan leggen jullie deze afspraken schriftelijk vast. Dat kan op een loonstrook, in een brief of e-mail of in de arbeidsovereenkomst. Als je dit digitaal wilt doen, dan moet je medewerker hier uitdrukkelijk mee instemmen.

Op deze pagina

inhoud schriftelijke arbeidsovereenkomst

Als werkgever moet je onder meer de volgende gegevens van de arbeidsovereenkomst schriftelijk of elektronisch aan je medewerker bevestigen:

Je moet deze gegevens in ieder geval binnen een maand na het begin van de werkzaamheden aan je medewerker verstrekken. Geldt de arbeidsovereenkomst voor een kortere periode dan een maand, dan moet je je medewerker deze informatie geven voordat de overeenkomst eindigt.

Niet verplicht, maar wel goed om schriftelijk vast te leggen in een arbeidsovereenkomst zijn:

  • de vooruitzichten op wat langere termijn (bijvoorbeeld over salarisontwikkeling)

  • de afspraken over een winstuitkering, dertiende maand, reiskostenvergoeding en pensioenrechten.

Via de website van UWV zijn voorbeelden van vaste en tijdelijke contracten te downloaden.

lage ww-premie

Sinds1 januari 2020 betalen werkgevers voor werknemers met een arbeidsovereenkomst voor onbepaalde tijd een lage WW-premie. Een van de voorwaarden is dat het arbeidscontract schriftelijk is vastgelegd en samen met de werknemer is ondertekend. Op Belastindienst.nl staat meer informatie over het schriftelijk vastleggen van de arbeidsovereenkomst.

pensioen en arbeidsovereenkomst

Een andere afspraak die jij en je medewerker schriftelijk moeten vastleggen gaat over de pensioenvoorziening. Binnen een maand na zijn indiensttreding moet je je medewerker laten weten of er binnen je organisatie een pensioenvoorziening bestaat en of je medewerker zal deelnemen aan de pensioenregeling. Doe je dat niet, dan mag je medewerker ervan uitgaan dat voor hem dezelfde pensioenregeling geldt als voor vergelijkbare personeelsleden.

pensioenovereenkomst

Je bent, als werkgever, niet verplicht om een pensioenregeling te treffen voor je medewerkers. Maar als je dat wel doet, dan kun je het aanbod tot deelname aan de pensioenregeling vastleggen in een pensioenovereenkomst, die onderdeel kan zijn van de arbeidsovereenkomst. Als je medewerker de arbeidsovereenkomst tekent, tekent hij ook meteen voor de pensioenovereenkomst. In de pensioenovereenkomst moet zijn omschreven voor welke pensioenvorm wordt gekozen.

tijdelijk naar het buitenland

Als je medewerker tijdelijk in het buitenland werkt voor je bedrijf, moeten de bijzonderheden over de voorwaarden waaronder hij daar werkzaam is worden vastgelegd in de arbeidsovereenkomst. Meestal wordt dit in een aanvullende overeenkomst gedaan. Daarbij gaat het onder andere om de duur van de opdracht, de huisvesting, welk arbeidsrecht van toepassing is, de toepasselijkheid van de Nederlandse sociale zekerheidswetgeving, de hoogte en de geldsoort van de beloning, de vergoedingen waarop je medewerker recht heeft en de wijze waarop de terugkeer geregeld is.