Seizoensarbeiders zijn werknemers die tijdens een bepaalde periode extra werk doen. Aan het einde van een seizoen eindigt het werk automatisch. Seizoenswerk komt veel voor in de agrarische sector, de horeca en de toeristische sector. Het gaat om werkzaamheden die door klimatologische of natuurlijke omstandigheden seizoensgebonden zijn en die maximaal negen maanden per jaar kunnen worden verricht. In feite zijn vakantiewerkers ook seizoenarbeiders, met als verschil dat het bij vakantiekrachten veelal om studenten en scholieren gaat.

Op deze pagina

rechtspositie seizoensarbeiders

Bij seizoensarbeid sluiten werkgever en seizoensarbeider een arbeidsovereenkomst voor bepaalde tijd af. De overeenkomst eindigt automatisch aan het einde van de overeengekomen periode, dus op de afgesproken datum, na afloop van het seizoen of bij het intreden van de bepaalde gebeurtenis.

Bij seizoensarbeid is het vaak lastig om een exacte einddatum in de arbeidsovereenkomst vast te leggen, bijvoorbeeld als het gaat om fruit plukken. Toch is het aan te bevelen om een zogenoemde vangnetdatum op te nemen: een uiterste einddatum. Neem bijvoorbeeld in het contract op: ‘Het dienstverband eindigt van rechtswege aan het einde van het seizoen van de aardbeienoogst, maar in ieder geval op 15 augustus 2020.’

De werkgever moet de seizoensarbeiders minstens het minimumloon uitbetalen.

ketenregeling bij seizoensarbeid

De werkgever mag een arbeidsovereenkomst voor bepaalde tijd verlengen, maar dit kan niet onbeperkt. Op grond van de ketenregeling ontstaat in een aantal gevallen automatisch een arbeidsovereenkomst voor onbepaalde tijd. Voor seizoenarbeiders geldt echter een uitzondering op de ketenregeling

wet arbeidsmarkt in balans

Per 1 januari 2020 is een nieuwe wet - de Wet arbeidsmarkt in balans (WAB) - ingevoerd, die onder andere meer bescherming voor oproepkrachten biedt. Op deze nieuwe regels is een uitzondering voor seizoensarbeiders opgenomen. Het gaat hier om:

  • de verplichting van de werkgever om een oproepkracht minimaal vier dagen van tevoren op te roepen 

  • de verplichting van de werkgever om loon te betalen over de gemiste uren waarvoor de werknemer was opgeroepen als hij binnen vier dagen voor aanvang van de oproep de arbeidstijden van de oproep wijzigt of de oproep afzegt

  • de verplichting om oproepkrachten na twaalf maanden een vaste arbeidsomvang aan te bieden.

In de cao moet omschreven zijn dat bovenstaande regels niet van toepassing zijn op seizoenswerkers, en voor welke functies dit geldt.