De ingangsdatum van de Wet meer zekerheid flexwerkers verschilt per onderdeel. In dit overzicht zie je wat wanneer verandert.
| ingangsdatum | wat verandert | voor wie | uitzonderingen |
|---|---|---|---|
| 31 december 2026 | uitzendkrachten krijgen wettelijk recht op gelijkwaardige arbeidsvoorwaarden | uitzendkrachten | bij de CAO voor Uitzendkrachten en de VvdN CAO voor gedetacheerden geldt dit al sinds 1 januari 2026 |
| 1 januari 2028 | de onderbrekingstermijn in de ketenregeling gaat van zes maanden naar drie jaar | de meeste medewerkers | jongeren onder de achttien en scholieren en studenten met een bijbaan houden zes maanden; bij seizoenwerkers kan de CAO drie maanden afspreken |
| 1 januari 2028 | fase B wordt wettelijk beperkt tot maximaal zes uitzendovereenkomsten in twee jaar | uitzendkrachten | geen |
| 1 januari 2028 | het nulurencontract verdwijnt en het min-maxcontract moet voldoen aan de eisen van het bandbreedtecontract | de meeste medewerkers | jongeren onder de achttien, scholieren, studenten en AOW-gerechtigden mogen op oproepbasis blijven werken tot gemiddeld zestien uur per week |
| 1 januari 2028 | je kunt niet meer afspreken dat je geen loon betaalt als er geen werk is | de meeste medewerkers |
uitzendkrachten in fase A; jongeren onder de achttien, scholieren en studenten maximaal zes maanden |
Tijdelijke contracten die vóór 1 januari 2028 zijn gesloten, lopen door tot de afgesproken einddatum. Nieuwe contracten vallen direct onder de nieuwe regels.
Voor scholieren en studenten met een bijbaan blijft de onderbrekingstermijn van zes maanden gelden.