robotisering: een kans of bedreiging?

Robotisering: een kans of bedreiging?

De arbeidsmarkt verandert. Robotisering – het proces waarbij werkzaamheden worden overgenomen door robots – vindt op grote schaal plaats. In sommige sectoren meer dan in andere, maar niemand kan er echt omheen. “Robots werken 24 uur per dag, zijn nooit ziek, vragen niet om loonsverhoging en staken niet”, zei Minister Asscher al in juni 2015. Dat is nogal wat. Moeten we dan bang zijn dat robots onze banen gaan overnemen? Marjolein ten Hoonte, directeur arbeidsmarkt bij Randstad licht toe.

positief en negatief

Wanneer er steeds meer werkzaamheden worden overgenomen door robots is er sprake van robotisering. Een voorbeeld hiervan zijn de magazijnen die tegenwoordig volledig geautomatiseerd zijn en waar geen enkel mens meer rondloopt. Sinds de uitspraak van Minister Asscher is er in opdracht van de Tweede Kamer een onderzoek gedaan naar de relatie tussen technologie en werkgelegenheid. Uit die resultaten zijn een aantal stromingen voortgevloeid. 

Eén kamp is van mening dat er banen zullen verdwijnen, omdat de robots onze taken overnemen. Aanhangers van deze theorie vragen zich af hoe het nu verder moet en wat de mens in de toekomst gaat doen. Binnen deze groep klinkt af en toe ook een mild geluid, dat het wel meevalt en dat ‘alleen de lager opgeleiden het zwaarder krijgen op de arbeidsmarkt’. Het tweede kamp staat positief tegenover de ontwikkelingen die robotisering met zich meebrengt. 

veranderingen en verschuivingen

Maar tussen die twee uiterste kampen is er nog een derde groep. Eén die van mening is dat we het in de oude wereld meer hadden over beroepen die gingen over maken (zoals handwerk of nijverheid) en niet-maken (zoals dienstverlening). In de nabije toekomst verschuift dit naar routine (door robots) en non-routine (menselijke werkzaamheden). 

Marjolein ten Hoonte bevindt zich in deze groep. “Momenteel werken we nog samen met robots. Neem een schoonmaker als voorbeeld. Hij werkt met een machine die poetst en boent, maar kleine hoekjes en gaatjes zijn voor de mens. Met de komst van nanotechnologie verandert dit. Dan maakt de machine ook alle hoekjes schoon. De taak van de schoonmaker is dan niet meer zelf poetsen. Hij adviseert mensen dan vooral welk nieuw schoonmaakmiddel ze kunnen gebruiken, zodat de robot minder vaak aan het werk gezet hoeft te worden.” 

“Een ander voorbeeld hiervan is dat van de chirurg. Vandaag de dag voeren artsen veel operaties nog zelf uit. In de toekomst worden steeds meer van dit soort taken overgenomen door robots die veel nauwkeuriger en kleinschaliger kunnen werken. Artsen voeren dan geen operaties meer uit, maar analyseren vooral klachten en geven hun patiënten advies. Hun rol en beroep verdwijnt dus niet, maar verandert wel.”

competenties veranderen

Rinie van Est, één van de onderzoekers van het rapport ‘Werken aan de robotsamenleving’ van Randstad, zei het al: “De winnende formule is een combinatie van een slimme machine én menselijke intelligentie”. Voor de werkenden betekent het dat je voor jouw baan over een paar jaar andere competenties nodig hebt dan nu het geval is. Volgens ten Hoonte is het dan ook heel goed om nieuwsgierig te zijn naar de toekomst van jouw beroep. “Bereid je voor op de toekomst. Bijscholen is bijvoorbeeld geen gek idee. Wat weet je al en op welk gebied kan je jouw kennis verbreden?” 
Haar advies geldt niet alleen voor de werkenden met een afgeronde mbo-opleiding, die momenteel al veel banen zien veranderen, maar voor de gehele maatschappij. 

niets nieuws

Ten Hoonte geeft aan dat het wel goed is om te onthouden dat het niet de eerste keer is dat door technologie banen veranderen. “Denk maar eens aan de Middeleeuwen. Door de uitvinding van de boekdrukpers hoefden monniken opeens geen boeken meer met de hand te schrijven. Hierdoor hadden ze meer tijd om te focussen op religie.” Een ander en meer recent voorbeeld werd gegeven door Havensteder directeur Peter van Lieshout. “Met de komst van zeecontainers verdwenen er banen bij elke haven ter wereld, maar de economie groeide.” 

Een mooie bijkomstigheid van technologie is hoe je het vandaag de dag kan inzetten om businessmodellen te verbeteren. Ook bij Randstad is dit het geval, aldus ten Hoonte. “Wij buigen ons dagelijks over de vragen: ‘Hoe kunnen we technologie inzetten om onze klanten nog beter van dienst te zijn?’ en ‘Wanneer willen mensen persoonlijk contact hebben en wanneer kan dat vervangen worden door een machine?’ De arbeidsmarkt is ook zo veranderd dat werknemers nog maar voor een korte tijd bij een werkgever blijven of zelfs meerdere werkgevers tegelijkertijd hebben. Hoe dragen wij als Randstad daaraan bij?” 

Robotisering verandert ons huidige banenstelsel dus ingrijpend. Maar op de vraag of we dan bang moeten zijn dat robots onze banen overnemen, antwoordt ten Hoonte stellig van niet. “Angst is een slechte raadgever. Wees vooral nieuwsgierig en vertaal veranderingen naar je persoonlijke situatie. En weet: bij Randstad kunnen wij je altijd helpen om te zien welke competenties je kan verbeteren. Zo verbeter je je toegevoegde waarde op de arbeidsmarkt aanzienlijk.”