Werkgevers zijn wettelijk niet verplicht om hun werknemers een pensioenregeling aan te bieden. Als een werknemer niet deelneemt aan een pensioenregeling, kan hij zelf bij een particuliere verzekeringsmaatschappij een pensioenverzekering afsluiten.

soorten privévoorzieningen

Er zijn verschillende mogelijkheden om een privévoorziening af te sluiten, waaronder:

lijfrenteverzekering

Bij een lijfrenteverzekering betaalt men een premie waarvoor men later een vaste en gelijkmatige periodieke uitkering ontvangt. Wie een pensioentekort heeft, kan de lijfrentepremie (of -premies, bij aanschaf van meer dan één lijfrenteverzekering) aftrekken van het inkomen in box 1. Er is sprake van een pensioentekort als men minder pensioen opbouwt dan nodig is om een oudedagsvoorziening (inclusief AOW) te ontvangen van 70% van het arbeidsinkomen.

banksparen

Banksparen wordt aangeboden door banken en andere financiële instellingen. De regeling komt er in het kort op neer dat de inleg in een dergelijke speciale spaarrekening of beleggingsrekening fiscaal hetzelfde wordt behandeld als premies die worden betaald voor een lijfrenteverzekering. Een belangrijk verschil tussen een pensioenuitkering en een uitkering uit banksparen is dat een uitkering uit banksparen niet levenslang is. De bankspaarregeling gaat uit van een uitkering die twintig jaar duurt. Komt de uitkeringsgerechtigde eerder te overlijden, dan is het restant bestemd voor de nabestaanden. Een pensioenuitkering daarentegen duurt levenslang, ongeacht het moment van overlijden van de uitkeringsgerechtigde.

koopsompolis

In een koopsompolis kan men een bedrag storten, dat de verzekeraar of bank gaat beleggen. In sommige gevallen kan men kosteloos geld bijstorten. Uit de koopsompolis wordt een uitkering bij pensioen verstrekt.

De Belastingdienst heeft een rekenprogramma ontwikkeld waarmee berekend kan worden welk bedrag aan lijfrentepremies men mag aftrekken. De Rekenhulp Lijfrentepremie is via de website van de Belastingdienst in te vullen.