OR-leden hebben een wettelijk recht op scholing. Daarnaast hebben ze recht op bepaalde faciliteiten om hun taak als OR-lid naar behoren te kunnen vervullen. Ook moet de werkgever ervoor zorgen dat OR-leden niet worden benadeeld in hun werk of carrière als gevolg van het OR-werk.

scholing or-leden

De werkgever is verplicht de leden van de OR gedurende een minimum aantal dagen per jaar, in werktijd en met behoud van loon, de gelegenheid te bieden de scholing en vorming te ontvangen die zij voor de vervulling van hun taak nodig vinden. Het aantal dagen per jaar wordt door de ondernemer en OR in gezamenlijk overleg vastgesteld, maar bedraagt minimaal:

  • vijf dagen voor OR-leden
  • drie dagen voor leden van OR-commissies
  • acht dagen voor leden die lid zijn van de OR én van een OR-commissie

Over de scholing moeten de OR en de werkgever afspraken maken. De werkgever betaalt de kosten van de scholing rechtstreeks aan het opleidingsinstituut. De SER geeft richtbedragen voor OR-cursussen.

faciliteiten or-leden

Leden van de OR mogen tijdens werktijd vergaderen en gebruikmaken van de voorzieningen van de werkgever. Ze bepalen in overleg met de werkgever hoeveel tijd zij besteden aan OR-werkzaamheden. Dat moet minimaal zestig uur per jaar zijn. Er is geen maximum.
Verder mogen OR-leden:

  • in overleg met hun werkgever het werk onderbreken voor het raadplegen van collega’s en externe deskundigen
  • tijdens werktijden vergaderen
  • gebruikmaken van faciliteiten, zoals vergaderruimte, telefoon en briefpapier
  • kosten die de OR redelijkerwijs moet maken, voor rekening van de onderneming laten komen

opzegverbod voor or-leden

De werkgever kan de arbeidsovereenkomst met de OR-leden niet opzeggen. Voor leden van de OR geldt een opzegverbod. Het opzegverbod is niet van toepassing bij:

  • een beëindiging met wederzijds goedvinden
  • schriftelijke instemming van de werknemer met de opzegging
  • ontslag op staande voet
  • opzegging tijdens de proeftijd
  • opzegging op of na het bereiken van de pensioengerechtigde leeftijd
  • ontslag om bedrijfseconomische redenen waardoor de arbeidsplaats van de betreffende werknemer vervalt anders dan vanwege beëindiging van de werkzaamheden