In de arbeidsovereenkomst kun je afspraken opnemen die ervoor zorgen dat je, als werkgever, je concurrentiepositie kunt beschermen wanneer een van je medewerkers vertrekt. Deze medewerker kan namelijk informatie, kennis en relaties meenemen naar zijn nieuwe werkkring en dat zou je schade kunnen opleveren. Om dat te voorkomen bestaan er wettelijke regelingen als een concurrentiebeding en een relatiebeding. 

Op deze pagina

het concurrentiebeding

In een concurrentiebeding wordt geregeld dat na afloop van de arbeidsovereenkomst, een periode geldt waarin het de werknemer verboden is op een bepaalde wijze werkzaam te zijn. In de wet staat geen maximale duur voor een concurrentiebeding, maar gebruikelijk is een periode van een tot twee jaar.

voorwaarden concurrentiebeding

De werkgever en de werknemer moeten het concurrentiebeding schriftelijk overeenkomen. Een mondelinge afspraak of bijvoorbeeld een verwijzing naar een beding in een personeelshandboek of cao is niet voldoende.

Een concurrentiebeding kan alleen worden opgenomen in een arbeidsovereenkomst voor onbepaalde tijd. Hierop geldt één uitzondering. Dat is als er zwaarwegende bedrijfsbelangen zijn. Dan kan de werkgever wel een concurrentie- en/of relatiebeding opnemen in een arbeidsovereenkomst voor bepaalde tijd. Die noodzaak moet er niet alleen zijn op het moment dat de werkgever de arbeidsovereenkomst met zijn werknemer aangaat, maar ook als hij zich op het beding wil beroepen. De werkgever moet deze belangen schriftelijk motiveren. Zo wordt hij gedwongen om vooraf een concrete afweging te maken tussen de verschillende belangen. Let wel: als de schriftelijke motivatie ontbreekt, is het beding nietig! Daarnaast geldt een concurrentiebeding niet bij een minderjarige werknemer.

En als de werknemer een andere functie binnen het bedrijf krijgt waardoor het beding aanmerkelijk zwaarder gaat drukken, moet hij het beding opnieuw ondertekenen. Op initiatief van de werkgever overigens, anders kan de werkgever er (bij deze gewijzigde omstandigheden) geen beroep op doen.

inhoud concurrentiebeding

In het concurrentiebeding kunnen verschillende bepalingen en beperkingen staan, bijvoorbeeld:

  • de werkzaamheden waarvoor het concurrentiebeding geldt

  • dat de werknemer niet bij bepaalde concurrent in dienst mag treden

  • de regio waarbinnen de werknemer niet hetzelfde werk mag doen

  • dat de werknemer niet zelfstandig concurrerende activiteiten mag uitoefenen

  • dat de werknemer geen klanten mag meenemen of benaderen

  • hoe hoog de eventuele schadevergoeding is bij overtreding

  • hoe lang het concurrentiebeding duurt.

In het concurrentiebeding kan worden opgenomen dat het geldt voor een regio of voor het hele land. De afbakening van het geografisch gebied is vooral afhankelijk van de functie en de werkzaamheden van de werknemer. In het belang van beide partijen is het verstandig om het gebied zo concreet mogelijk te omschrijven en het niet te groot te maken.

In het concurrentiebeding kan ook worden opgenomen wat het ‘functioneel bereik’ of ‘zakelijk bereik’ van de ex-werknemer is. Dat is een beschrijving van de werkzaamheden die de werknemer na het dienstverband niet mag verrichten. Het is aan te raden dit te beperken tot specifieke situaties, zoals de producten die van belang zijn voor de werkzaamheden. Als de omschrijving te ruim is, kan de rechter het concurrentiebeding matigen of vernietigen.

overtreding concurrentiebeding

Overtreedt de werknemer het concurrentiebeding, dan kan de werkgever de rechter inschakelen en vragen om een verbod op het uitvoeren van de werkzaamheden, op straffe van een dwangsom .. De werknemer kan de rechter vragen deze te matigen. De rechter kijkt namelijk ook naar de belangen van de werknemer. Bij een schadeplichtig ontslag door de werkgever (bijvoorbeeld als hij de opzegtermijn niet in acht heeft genomen) kan de werkgever geen beroep doen op het beding.

buiten werking stellen concurrentiebeding

Het kan zijn dat de belangen van de werkgever duidelijk niet opwegen tegen die van de werknemer. Bijvoorbeeld als het door het concurrentiebeding niet meer mogelijk is voor de medewerker om zijn brood te verdienen. De medewerker kan de rechter dan verzoeken het concurrentiebeding geheel of gedeeltelijk buiten werking te stellen.  

De rechter kan in een dergelijk geval ook bepalen dat de medewerker zich toch aan het concurrentiebeding moet houden, maar dat de werkgever voor de duur van de beperking een vergoeding moet betalen.

Het verzoek voor het buiten werking stellen van het concurrentiebeding kan zowel tijdens als na beëindiging van het dienstverband worden ingediend. 

relatiebeding

Een relatiebeding is een concurrentiebeding in beperkte vorm. Dit beding verbiedt de werknemer om na het einde van de arbeidsovereenkomst bestaande klanten van de onderneming van de werkgever te benaderen of te bedienen. Voor een relatiebeding gelden dezelfde regels als voor een concurrentiebeding.