Prinsjesdag 2018, de dag waarop het kabinet Rutte III de plannen voor het komende jaar presenteert, is een feit. Uiteraard was er eerder al het een en ander besloten, en was ook de Verzamelwet SZW 2019 al gepubliceerd. Toch zijn er ook nieuwe maatregelen bekendgemaakt. Wat kunnen werkgevers en werknemers verwachten? We hebben de belangrijkste maatregelen op een rijtje gezet. 

het gaat goed met nederland

Het gaat goed met Nederland en dat is in de begroting te zien. Het kabinet verwacht dat de Nederlandse economie in 2019 groeit met 2,6%. Met een gemiddelde koopkrachtstijging van 1,5% gaan bijna alle huishoudens (96%) er op vooruit. De werkloosheid blijft volgend jaar verder dalen, van 355.000 naar 320.000 personen. Er zijn ook onzekerheden, bijvoorbeeld over de gevolgen van de Brexit, die de komende maanden zijn beslag gaat krijgen. En ook het pensioenstelsel is een heikele kwestie. Het kabinet wil dat stelsel graag vernieuwen, maar het is werkgevers- en werknemersorganisaties en de Sociaal-Economische Raad nog niet gelukt om tot een akkoord komen. De deadline daarvoor zal eind oktober 2018 zijn.

op deze pagina

de belangrijkste maatregelen voor HR 

Waar moet uw HR-afdeling rekening mee houden? Hieronder een kort overzicht van de belangrijkste maatregelen en plannen voor werkgevers. 

deze maatregelen zijn:

modernisering van de arbeidsmarkt

Er zijn verschillende wetsvoorstellen in de maak die de arbeidsmarkt moeten moderniseren:

De schaarste op de arbeidsmarkt biedt kansen aan mensen met een afstand tot de arbeidsmarkt. Het kabinet is daarom in gesprek met werkgevers, werknemers, gemeenten, UWV en het onderwijs over het Actieplan Perspectief op werk. Onderdeel van het plan is onder meer het verbeteren van de afstemming van vraag en aanbod op de arbeidsmarkt door hier meer ondersteuning bij te bieden. In dit kader wordt gedacht aan een regionaal werkgeversloket, met een geharmoniseerd regionaal pakket van instrumenten en voorzieningen en met een inzichtelijk bestand van alle werkzoekenden. Ook komt er vanaf 2019 meer geld beschikbaar voor persoonlijke dienstverlening door UWV aan werkzoekenden met een WW-, WIA- of Wajong-uitkering. 

compensatie voor transitievergoeding

In geval van ontslag wegens bedrijfseconomische omstandigheden of langdurige arbeidsongeschiktheid worden werkgevers vanaf 1 april 2020 gecompenseerd  voor de transitievergoeding die zij hebben betaald. De regeling kent een compensatie met terugwerkende kracht tot 1 juli 2015. Ook komt er een compensatie voor de transitievergoeding die kleine werkgevers hebben verstrekt bij ontslag als gevolg van bedrijfsbeëindiging, pensionering of ziekte. 

wijziging WAZO

Per 1 januari 2019 wijzigt de Wet arbeid en zorg. Het huidige kraamverlof voor partners (nu twee dagen met behoud van loon) wordt uitgebreid tot een geboorteverlof ter grootte van de wekelijkse arbeidsduur van de werknemer (maximaal vijf dagen). Daarnaast wordt het adoptie- en pleegzorgverlof uitgebreid van vier naar zes weken. Dit wordt geregeld met de Wet invoering extra geboorteverlof (WIEG). 
De WIEG regelt ook dat het geboorteverlof voor de partner per 1 juli 2020 kan worden aangevuld met vijf maal de wekelijkse arbeidsduur geboorteverlof. Tijdens het aanvullende geboorteverlof krijgt de werknemer een uitkering ter hoogte van 70% van zijn (maximum)dagloon.

premiepercentages sociale verzekeringen

De premiepercentages volks- en werknemersverzekeringen voor 2019 zijn onder voorbehoud van (definitieve) vaststelling opgenomen in de begroting van het ministerie van SZW. Dit is tot nu toe bekendgemaakt:

  • de AOW- en de Anw-premie blijven met 17,9% respectievelijk 0,1%  in 2019 op hetzelfde niveau
  • de Awf-werkgeverspremie stijgt van 2,85% naar 3,25%
  • de Ufo-premie blijft hetzelfde als in 2018 (0,78%)
  • de Aof-premie is (voorlopig) vastgesteld op 6,47%  
  • de Whk-rekenpremie is (voorlopig) vastgesteld op 1,22%
  • de gemiddelde gedifferentieerde WGA-premie blijft 0,75% 
  • de gemiddelde gedifferentieerde ZW-premie stijgt van 0,41% naar 0,43%
  • de premieopslag kinderopvang blijft gelijk met 0,50%

let op

UWV heeft een Premiewijzer ontwikkeld, waarmee werkgevers eenvoudig een schatting van de hoogte van hun gedifferentieerde premie Whk in 2019 kunnen maken.

AOW-leeftijd omhoog

De pensioenleeftijd gaat in de loop van de komende jaren telkens op 1 januari omhoog, met steeds grotere stappen. Op 1 januari 2018 is de AOW-leeftijd met drie maanden verhoogd, naar 66 jaar. Komend jaar zal de verhoging met vier maanden iets groter zijn; dan wordt de pensioengerechtigde leeftijd 66 jaar en 4 maanden. In de komende jaren wordt de AOW-leeftijd in stapjes verder verhoogd, totdat die in 2021 67 jaar is en in 2022 67 jaar en drie maanden. Vanaf 2022 wordt de AOW-leeftijd automatisch gekoppeld aan de ontwikkeling van de levensverwachting. De precieze AOW-leeftijd wordt dan vijf jaar van tevoren vastgesteld. 

waardeoverdracht kleine pensioenen

Per 1 januari 2019 treedt een regeling in werking waardoor pensioenuitvoerders, zoals een pensioenfonds of verzekeraar, kleine pensioenen niet meer mogen afkopen. Zij kunnen een klein pensioen (tussen € 2 en minder dan € 474,11 bruto per jaar) dan onderbrengen bij de pensioenuitvoerder, waar iemand op dat moment zijn pensioen opbouwt: de zogenoemde waardeoverdracht. Ook kunnen pensioenuitvoerders het pensioenbedrag laten staan als klein pensioen. 
Heel kleine pensioenen (maximaal € 2 bruto per jaar) komen te vervallen. Dit betekent dat pensioenuitvoerders deze pensioenbedragen niet meer hoeven uit te betalen. 

beperking heffingskorting buitenlandse belastingplichtigen

Vanaf 1 januari 2019 hebben alleen inwoners van Nederland recht op het belastingdeel van de loonheffingskorting. Niet-inwoners hebben daar geen recht meer op. Zij hebben alleen nog recht op het premiedeel, als ze in Nederland verzekerd zijn voor de volksverzekeringen. Als gevolg van deze maatregel komen er met ingang van 1 januari 2019 meer loonbelastingtabellen.

minimumloon

Per 1 juli 2019 gaat voor 18-, 19-, 20-jarigen het vaste percentage van het wettelijk minimumloon verder omhoog: naar 50%, 60% en 80%. Voor 21-jarigen gaat dit naar 100%. Zij hebben dan recht op een volledig wettelijk minimumloon.

fiets van de zaak

Een fiets van de zaak moet fiscaal net zo interessant worden als een leaseauto. Het kabinet wil daarom per 2020 nieuwe fiscale regels voor het privégebruik van de fiets van de zaak. De forfaitaire bijtelling voor privégebruik van een door de werkgever ter beschikking gestelde (elektrische) fiets wordt dan 7% van de consumentenadviesprijs. 

geen auto’s meer met 0% bijtelling

Met ingang van 1 januari 2019 zijn er geen auto’s meer met 0% bijtelling. Voor elektrisch aangedreven nul-emissieauto’s met een catalogusprijs van maximaal € 50.000 geldt per 1 januari 2019 het verlaagde bijtellingspercentage van 4%. Boven de € 50.000 gaat een bijtelling van 22% gelden. Vanaf 2021 geldt voor alle elektrische auto’s 22% bijtelling. Er is dan geen fiscaal voordeel meer voor zuinige auto’s.

WBSO (Wet bevordering Speur- en Ontwikkelingswerk)

Het budget en de voorwaarden van de WBSO blijven in 2019 gelijk aan 2018. De voordeelpercentages en schijflengtes blijven, evenals de voorwaarden en het aanvraagprogramma ongewijzigd. 

looptijd 30%-regeling verkort naar vijf jaar

De looptijd van de 30%-regeling wordt per 1 januari 2019 verkort van acht naar vijf jaar. Dit geldt voor zowel nieuwe gevallen als bestaande gevallen. Er komt alleen overgangsrecht met betrekking tot de schoolgelden voor internationale scholen. Voor 2018/2019 kunnen deze schoolgelden ook na de verkorting onbelast vergoed of verstrekt worden.

De 30%-regeling is een fiscale regeling waardoor werkgevers een deel van het loon (maximaal 30%) belastingvrij kunnen vergoeden aan buitenlandse werknemers die tijdelijk in Nederland werken. 

subsidiebedrag voor praktijkleren omlaag

De subsidieregeling praktijkleren, die werkgevers stimuleert om praktijkleerplaatsen en werkleerplaatsen aan te bieden, wordt in 2019 voortgezet. Werkgevers kunnen komend schooljaar (2018/2019) hiervoor maximaal € 2.500 ontvangen. Afgelopen schooljaar (2017/2018) bedroeg dit maximum nog € 2.700. 

leven lang ontwikkelen (LLO)  

Om een Leven Lang Ontwikkelen (LLO) te bevorderen en een positieve en sterke leercultuur tot stand te brengen stelt het kabinet in 2019 1,5 miljoen euro beschikbaar. Opleidings- en Ontwikkelingsfondsen kunnen een beroep doen op deze middelen.

de belangrijkste maatregelen voor uw werknemers

Een overzicht van de maatregelen die met name uw werknemers zullen raken. 

deze maatregelen zijn:

belastingen

In het Belastingplan 2019 staan alle plannen van het kabinet met betrekking tot de belastingen in Nederland. Bij het Belastingplan biedt het kabinet ook een aantal wetsvoorstellen aan de Tweede Kamer aan. Deze vormen samen het pakket Belastingplan 2019.

laag btw-tarief van 6% naar 9% 

Het kabinet wil de belasting op het inkomen verlagen. Dit wordt betaald door het lage btw-tarief te verhogen van 6% naar 9%. Dit tarief geldt voor goederen en diensten voor consumenten, zoals de dagelijkse boodschappen, water, geneesmiddelen, boeken, de kapper en werkzaamheden aan woningen.

box 1

De belastingheffing over het inkomen uit werk en woning (box 1) kent een tariefstructuur met vier schijven. Het kabinet wil dit gaan vervangen door een tweeschijvenstelsel met een gezamenlijk basistarief voor het inkomen tot en met € 68.507 en een toptarief voor het inkomen boven € 68.507.
Het basistarief wordt in 2021 37,05% en het toptarief 49,50%. In 2019 wordt het tarief van de huidige eerste schijf 36,65% en de tweede en derde schijf 38,10%.

heffingskortingen

De arbeidskorting gaat omhoog; hierdoor gaan werknemers en zelfstandigen met een inkomen tussen de € 20.000 en € 60.000 per jaar erop vooruit. Ook neemt door een verhoging van de algemene heffingskorting het besteedbaar inkomen toe met maximaal € 184 per jaar. Dit geldt voor mensen met een inkomen tot € 50.000 per jaar.

box 2

In box 2 wordt het inkomen uit aanmerkelijk belang belast. Het kabinet heeft besloten om in afwijking van het regeerakkoord de daarin opgenomen correctie van het box 2-tarief te verzachten om het midden- en kleinbedrijf tegemoet te komen. Vanwege de wijziging van de tarieven in de vennootschapsbelasting wordt voorgesteld het tarief in box 2 te corrigeren van 25% naar 26,9% per 2021 in plaats van naar 28,5%. Dit gebeurt in twee stappen: met ingang van 2020 wordt het tarief met 1,25%-punt verhoogd naar 26,25% en met ingang van 2021 wordt het tarief met 0,65%-punt verder verhoogd naar 26,9%.

box 3

De heffing in box 3 (de zogeheten vermogensbelasting) wordt per 1 januari 2019 aangepast. In de vermogensschijf tot en met € 71.650 bedraagt het forfaitaire rendement 1,94%. Van € 71.651 t/m € 989.736 is dit 4,45%. Boven de € 989.736 bedraagt het 5,60%. Het heffingvrije vermogen wordt € 30.360.

tip

Met de Prinsjesdagtool.nl van de Rijksoverheid kan iedereen checken wat de maatregelen voor zijn of haar portemonnee gaan betekenen.

zorgverzekering

Het verplicht eigen risico - de eigen bijdrage die iedere verzekerde vanaf 18 jaar elk kalenderjaar zelf moet betalen - blijft in 2019 gelijk met € 385. De zorgpremie - de premie voor de basisverzekering - zal volgens een schatting van het ministerie van Volksgezondheid, Welzijn en Sport in 2019 met ongeveer € 10 per maand stijgen naar € 119,33 per maand (€ 1.432 per jaar). In het najaar - uiterlijk op 12 november - maken de zorgverzekeraars bekend hoe hoog de premie daadwerkelijk wordt.

Werkgevers en uitkeringsinstanties betalen daarnaast nog een inkomensafhankelijke bijdrage. Deze bijdrage stijgt in 2019 licht van 6,90% naar 6,95% van het bijdrage-inkomen. Zelfstandig ondernemers en gepensioneerden gaan 5,7% in plaats van 5,65% over hun bijdrage-inkomen betalen. Het maximumbijdrageloon voor 2019 is nog niet bekend.

De zorgtoeslag, de tegemoetkoming van de overheid in de zorgkosten, zal in 2019 ook iets stijgen. De maximale zorgtoeslag voor alleenstaanden stijgt daardoor met € 94 naar € 1.233. Voor meerpersoonshuishoudens stijgt de maximale zorgtoeslag met € 281 naar € 2.402. 

Per 1 januari 2019 wordt het basispakket van de zorgverzekering uitgebreid. Mensen met ernstig overgewicht krijgen hulp met de zogeheten Gecombineerde Leefstijl Interventie (GLI). Oefentherapie bij COPD wordt voortaan vanaf de eerste sessie direct vergoed, maar er komt wel een maximum op het aantal behandelingen. Ook komt er een ruimere vergoeding voor zittend ziekenvervoer bij noodzakelijk onderzoek. Daarnaast komt er een maximum van € 250 aan de eigen bijdrage die mensen voor geneesmiddelen moeten betalen. 

kinderen

De kinderbijslag gaat omhoog: een gezin met twee kinderen op de basisschool krijgt er € 150 bij. Bijna alle ouders krijgen vanaf 1 januari 2019 meer kinderopvangtoeslag. Ook gaan de maximumprijzen per uur die de overheid vergoedt voor de kinderopvangtoeslag omhoog.

Het kindgebonden budget, een bijdrage van de Belastingdienst die gezinnen met een inkomen onder een bepaalde grens ontvangen, stijgt in 2020. 

vrijwilligersvergoeding omhoog

Op dit moment kunnen vrijwilligers een maximale onbelaste vrijwilligersvergoeding krijgen van € 150 per maand en € 1.500 per kalenderjaar. Vanwege het grote maatschappelijke belang van vrijwilligerswerk heeft het kabinet besloten om deze bedragen per 1 januari 2019 te verhogen naar € 170 per maand en € 1.700 per kalenderjaar.

tip

Alle Prinsjesdagstukken staan op de website van de Rijksoverheid

blijf op de hoogte van actuele wet- en regelgeving

Vind in de online Werkpocket alle actuele wet- en regelgeving. Of download nu de paper: update wet- en regelgeving.