Het kabinet heeft na jarenlang onderhandelen met de werkgevers en de vakbonden eindelijk een akkoord gesloten waarin afspraken staan over het pensioen van huidige en toekomstige generaties. Ook zijn er afspraken gemaakt die ervoor moeten zorgen dat zoveel mogelijk mensen gezond en werkend hun pensioenleeftijd kunnen bereiken.

Het huidige pensioenstelsel past niet meer bij deze tijd, vindt het kabinet. Werknemers veranderen veel vaker dan voorheen van baan en er zijn veel zzp’ers en flexwerkers op de arbeidsmarkt bij gekomen. Ook is er sprake van vergrijzing en worden we gemiddeld een stuk ouder dan vroeger. Daarom moeten er nieuwe maatregelen worden genomen.

in het pensioenakkoord staan onder meer de volgende punten:

Let op: dit zijn algemene afspraken. Veel punten moeten nog verder uitgewerkt worden. 

AOW-leeftijd stijgt minder snel

De AOW-leeftijd gaat minder snel stijgen. De AOW-leeftijd wordt twee jaar vastgezet op 66 jaar en 4 maanden. Daarna stijgt de AOW-leeftijd door naar 67 jaar in 2024. In de oude situatie stijgt de AOW-leeftijd al in 2021 naar 67 jaar.

De AOW-leeftijd komt er nu zo uit te zien:

  • 2020: 66 jaar + 4 maanden (na 31 augustus 1953 en voor 1 september 1954)
  • 2021: 66 jaar + 4 maanden (na 31 augustus 1954 en voor 1 september 1955)
  • 2022: 66 jaar + 7 maanden (na 31 augustus 1955 en voor 1 juni 1956)
  • 2023: 66 jaar + 10 maanden (na 31 mei 1956 en voor 1 maart 1957)
  • 2024: 67 jaar (na 28 februari 1957 en voor 1 januari 1958)

Bekijk hier de huidige opbouw van de AOW-leeftijd >

Ook de koppeling tussen de AOW-leeftijd en de gemiddelde levensverwachting gaat minder hard. Nu moeten werknemers een jaar langer doorwerken als de levensverwachting een jaar stijgt. Vanaf 2025 wordt dit aangepast naar gemiddeld acht maanden langer doorwerken en gemiddeld vier maanden langer AOW-pensioen.

nieuwe manier van premieheffing

Er komt een nieuwe manier van premieheffing. Nu betaalt iedereen dezelfde premie voor dezelfde pensioenopbouw. Deze doorsneepremie wordt afgeschaft. De pensioenopbouw gaat meer aansluiten bij de premie die mensen inleggen. In het nieuwe systeem betaalt iedereen nog steeds evenveel premie, maar de premies van jongere werkenden kunnen langer worden belegd en leveren daardoor meer pensioen op. Het kabinet en sociale partners moeten deze maatregelen nog verder uitwerken.

pensioen wordt aangepast aan de economische situatie

Pensioenen worden sneller aangepast aan de economische situatie. Dat betekent dat ze sneller worden verhoogd wanneer het economisch goed gaat, maar ook dat ze sneller worden verlaagd als het tegenzit. Er is afgesproken dat pensioenfondsen de pensioenen kunnen verhogen bij een dekkingsgraad van hoger dan 100% (nu nog 110%) en verlagen als zij onder die dekkingsgraad zitten (nu nog 90%). De huidige regels om te korten worden tijdelijk aangepast om de kans op kortingen op de korte termijn te verkleinen.

meer flexibiliteit bij opnemen pensioen

Mensen krijgen de mogelijkheid om een deel van hun opgebouwde ouderdomspensioen al op de pensioeningangsdatum op te nemen, bijvoorbeeld om hun hypotheek af te betalen. Het gaat om maximaal 10% van het opgebouwde pensioen. 

800 miljoen euro voor duurzame inzetbaarheid en scholing

Het kabinet investeert 800 miljoen euro tussen 2021 en 2025, en structureel 10 miljoen euro per jaar, in duurzame inzetbaarheid en scholing. Doel is dat mensen hun werk fysiek goed kunnen blijven doen en dat ze de vaardigheden houden om tot hun pensioenleeftijd aan het werk te blijven op de arbeidsmarkt. 

vroegpensioen voor zware beroepen

Volgens het pensioenakkoord komt er een regeling die het mogelijk maakt voor mensen met een zwaar beroep om eerder te stoppen. Werknemers en werkgevers kunnen onderling afspreken dat een werknemer tot drie jaar eerder met pensioen gaat. De werkgever kan dan het inkomen van de werknemer helpen overbruggen tot de AOW-leeftijd is bereikt, terwijl de werknemer deels kan putten uit zijn pensioen. Werkgevers krijgen een vrijstelling voor de eerste 19.000 euro bruto per jaar als een werknemer binnen drie jaar voor het bereiken van de AOW-leeftijd stopt met werken.

Wel blijft het financieel aantrekkelijker voor zowel werkgevers en werknemers om door te werken. Ook wordt de bestaande mogelijkheid om te sparen voor verlof verruimd, mede om vervroegd uittreden mogelijk te maken. 

verplichte arbeidsongeschiktheidsverzekering voor zzp’ers

Er komt een wettelijke verzekeringsplicht tegen het arbeidsongeschiktheidsrisico voor zelfstandige ondernemers. Het kabinet heeft sociale partners gevraagd om in overleg met zelfstandigenorganisaties voor de zomer van 2020 met een concreet voorstel te komen voor deze verzekering. 

Tot slot moet het voor zelfstandigen eenvoudiger worden om zich vrijwillig bij een pensioenfonds in hun sector aan te sluiten. 

en hoe nu verder?

Het kabinet, sociale partners en pensioenuitvoerders gaan de afspraken gezamenlijk uitwerken. Het streven is om de afspraken over de AOW-leeftijd op 1 januari 2020 in te laten gaan, en het nieuwe pensioenstelsel twee jaar later. Een uitgebreide toelichting op de plannen staat in de Kamerbrief Principeakkoord vernieuwing pensioenstelsel