Europa wil voor een beter evenwicht tussen werk en privé zorgen, de arbeidsparticipatie van vrouwen vergroten en gelijke kansen bevorderen. Het Europees Parlement heeft daartoe in 2019 een richtlijn aangenomen die minimumeisen bevat voor kraamverlof, ouderschapsverlof en mantelzorgverlof

Elke Europese werknemer krijgt recht op:

Alle 28 Europese lidstaten moeten de regels uiterlijk in 2022 opnemen in hun nationale wetgeving.

10 dagen kraamverlof

Partners krijgen recht op minimaal 10 dagen kraamverlof na de bevalling. De werkgever moet over die periode ten minste het loon betalen dat wordt uitgekeerd bij ziekte. De nieuwe regeling gaat ook gelden voor partners van gelijk geslacht in landen waar dat nationaal is geregeld, zoals in Nederland.

In Nederland is het kraamverlof voor partners sinds 1 januari 2019 uitgebreid van twee dagen (met behoud van loon) tot maximaal vijf dagen (de wekelijkse arbeidsduur van de werknemer). Per 1 juli 2020 krijgen partners in het eerste half jaar na de geboorte van de baby nog eens vijf weken aanvullend geboorteverlof, van twee dagen tot maximaal zes weken. In die periode hebben partners recht op een uitkering van UWV ter hoogte van 70% van het (maximum)dagloon. Nederland voldoet daarom dit jaar al aan de nieuwe richtlijn.

4 maanden ouderschapsverlof

De richtlijn bepaalt ook dat beide ouders recht krijgen op 4 maanden ouderschapsverlof, waarvan 2 maanden betaald. De hoogte van de toeslag mag het land zelf bepalen, maar moet op zo’n niveau zijn, dat gezinnen ‘een fatsoenlijke levensstandaard’ kunnen behouden. Landen mogen zelf beslissen wie het verlof financiert.

Op dit moment hebben Nederlandse werknemers die ouder of verzorger zijn, recht op ouderschapsverlof voor hun kinderen die jonger dan 8 jaar zijn. Dit is onbetaald, tenzij in de cao of arbeidsvoorwaarden andere afspraken staan. Het huidige ouderschapsverlof duurt 26 weken. De werknemer mag zelf bepalen hoe hij het ouderschapsverlof verdeelt en opneemt. De uren mogen ook gespreid worden opgenomen, tot de 8e verjaardag van het kind.

Deze regeling wordt in de zomer van 2022 uitgebreid. Zoals het er nu naar uitziet  kunnen ouders vanaf 21 augustus 2022 voor de eerste 9 van de 26 weken ouderschapsverlof een uitkering van UWV krijgen. Deze verlofuitkering bedraagt 50% van het dagloon van de werknemer, en maximaal 50% van het maximumdagloon

Ouders moeten de betaalde verlofweken in het eerste levensjaar van hun kind opnemen. Opname van de rest van het ouderschapsverlof is nog steeds tot het achtste jaar van het kind mogelijk. 

5 dagen mantelzorg

In de Europese richtlijn krijgen werknemers ook recht op 5 dagen mantelzorgverlof per jaar. Dit verlof is bedoeld voor werknemers met zieke familieleden die zorg en ondersteuning nodig hebben. 

Op dit moment kunnen werknemers in Nederland hun werkgever al vragen om verlof om iemand te kunnen verzorgen. Het kortdurend zorgverlof van maximaal twee weken per jaar wordt door de werkgever doorbetaald, het langdurig zorgverlof van maximaal 6 weken per jaar is onbetaald, tenzij er in de cao andere afspraken staan. 

flexibel werken

Alle werkende ouders met kinderen tot 8 jaar en alle mantelzorgers hebben het recht om de volgende flexibele werkregelingen aan te vragen:

  • verminderde werktijden
  • flexibele werkuren
  • flexibiliteit op de werkplek

Op dit moment hebben Nederlandse werknemers al de mogelijkheid om op grond van de Wet flexibel werken (Wfw) te vragen om aanpassing van de arbeidstijden, arbeidsduur en arbeidsplaats. 

over de Europese richtlijn

De Europese richtlijn stelt minimumvereisten die alle lidstaten moeten toepassen. De bedoeling is om de vertegenwoordiging van vrouwen op de werkplek te verhogen en de rol van de vader - of een gelijkwaardige tweede ouder - in het gezin te versterken. De maatregel moet kinderen en het gezinsleven ten goede komen en inspelen op maatschappelijke veranderingen. Ook wil het Europees Parlement hiermee de gelijkheid tussen mannen en vrouwen bevorderen en de kansen van vrouwen op de arbeidsmarkt vergroten. 
Overigens was minister Koolmees een van de weinige Europese ministers die in Brussel tegen de ‘richtlijn werk-privébalans’ heeft gestemd. Hij vindt dat niet de EU, maar landen zelf hierover horen te beslissen. Nederland gaat de regels wel gewoon ‘netjes uitvoeren’, aldus zijn woordvoerder.